Waar is de landbouw van weleer?

door Kathleen De Clercq
6 views
Onze huidige landbouw is te groot geworden en is te ver verwijderd van wat het oorspronkelijk was, namelijk iets telen met respect voor het land, aldus Kathleen De Clercq (PXL Groenmanagement). Foto: Wolfgang Weiser (via Pexels, rechtenvrij).

Toegegeven, er zijn mooie ontwikkelingen in de biolandbouw en de regeneratieve landbouw, maar toch lijdt Kathleen De Clercq (PXL-lector Groenmanagement) aan wat ze agrofobie noemt: angst voor hoe onze landbouwsector evolueert…

Allemaal boeren

De lente is begonnen en dat hebben we gevoeld, want daadwerkelijker kon die aankondiging van de lente niet zijn met zoveel zon en hoge temperaturen. We hoorden het ook zeggen door Weather Lady Jacotte. Ze vertelt dat mooi en wetenschappelijk en ze maakt het duidelijk zoals Armand Pien en Frank De Boosere haar voorgingen.

Dit jaar hadden we uitzonderlijk ook eens zelf kunnen bedenken dat het lente was en dat doet me denken aan onze voorouders, die allemaal boeren waren. Met kippen, een geit of schaap, konijnen, een groentetuin en een paar fruitbomen of bessenstruiken. Rijkere boeren hadden in de negentiende eeuw kuddes schapen en in 1980 was het zelfs nog mogelijk om als boer met gemengde landbouw te overleven met 25 koeien, akkers en hooilanden.

Het weer ‘lezen’

Ik spreek uit ervaring want mijn ouders konden zelfs hun drie kinderen laten studeren. Ik herinner me hoe mijn ouders het weer ‘lazen’, zonder app en hoe ze soms Armand Pien ongelijk gaven. Laagvliegende huiszwaluwen op de binnenkoer van onze boerderij wezen op onweer. Ze vlogen laag, want de muggen vlogen door de hoge luchtdruk ook laag. Pa onderbrak dan voor een paar minuten het melken om de barometer een tik te gaan geven om te zien welke kant de wijzer op ging. ‘Het hooi moet dringend binnen’, zei hij dan. ‘Het gaat onweren.’

Te groot

Hij had zelden ongelijk. Maar in de jaren negentig veranderde het snel. Mijn pa was met zijn 25 melkkoeien zowat de laatste der Mohikanen. Vanaf dan werd de landbouw groot. Te groot. Te ver verwijderd van wat we hier sinds de bandkeramiekers in Rosmeer 7000 jaar lang hebben gedaan: iets telen met respect voor het land. Bouwen op het land en met het land… Landbouwers dus.

Ik stel me voor hoe de eerste spruiten van paardenbloem als een lekkernij op tafel kwamen, lang voor we rucola hadden ingevoerd. Of hoe gewone berenklauw het lekkerste snoepje was voor de konijnen. Ik prijs me gelukkig dat ik dat heb mogen leren.

Ik ben 52 en als ik dit vertel, lijkt het wel alsof ik een verhaal breng dat verder teruggaat in de tijd dan wat het openluchtmuseum van Bokrijk ons toont. Ik zie het bij studenten en ik merk het als ik naar het nieuws kijk. Ik ben er zeker van dat onze kennis en inzichten in landbouw – in de originele betekenis van het woord – in vrije val zijn.

Agrofobie

Agrofobie. Ik heb geen idee of het woord bestaat, maar Philippe Geubels mag het opnemen in zijn nieuwste programma ‘Gene paniek’. Het is opmerkelijk hoe bang en vies we zijn geworden van landbouw.

Dat varkens zich in de modder wentelen, vinden we vies en koeienvlaaien kennen we al helemaal niet meer, nu de Pukkelpopweide niet meer begraasd wordt zoals dat bij de start wel nog het geval was.

Vies

Landbouw is maar iets vies geworden. Een vlek op een appel, bruine puntjes op een bloemkool, een bluts in een peer of een verwelkt blaadje aan een krop sla en we laten hem links liggen wegens ‘afgekeurd’.

Begrijpelijk, we moeten alle groenten en fruit kopen, omdat we het niet meer zelf kweken. Dus zijn we kieskeurig en kiezen we met onze ogen, want het mag ook mooi zijn. Er is nochtans heel wat vuiligheid nodig om die esthetisch perfecte groenten en vruchten te kweken en te bewaren. Botox is er niks tegen.

Ik ben vies geworden van de huidige landbouw die ik liever ‘landvernieling’ noem. We hebben in Vlaanderen van de beste landbouwgrond ter wereld, maar we gaan er zo slecht mee om.

Er zijn ook nog andere consumenten die last hebben van agrofobie, zij het op een andere manier. Ik als boerendochter ben er zo een. We zoeken naar eerlijk geteelde groenten en fruit, spek zoals het vroeger smaakte, ‘Sterappel’ en ‘Court Pendu’-appeltjes, waar vlekjes op mogen zitten. Ze mogen ‘naturel’ zijn, zo vind ik ze mooi. En hoewel ik het vroeger verschrikkelijk vond als de melk van smaak veranderde zodra de koeien na de winter weer buiten gingen grazen, zou ik nu nog eens zo graag melk drinken waarvan de smaak verandert volgens de seizoenen. Actieve meerwaardezoeker.

‘Eerlijke’ producten

OK, misschien klink ik een beetje te negatief. M’n meelezende echtgenoot vindt dat toch. Dat er toch goede ontwikkelingen zijn in de biologische landbouw en in de regeneratieve landbouw? Dat je niet iedereen over één kam kan scheren. Ja, dat klopt. Zeker wel. Al heb ik de indruk dat consumenten niet zozeer op zoek zijn naar bio, maar wel naar ‘eerlijke’ producten. Iets waarmee ze de lokale economie steunen. Iets wat nog ‘écht’ smaakt.

Lokale bakkers doen het goed, net als sommige ambachtelijke slagers en kippenhoeves. Markthandelaars met vers fruit: ze vinden vlot aantrek. Niet altijd bio, maar wel lokaal, eerlijk en goed.

Landvernieling

Maar laat me dat niet afleiden van de kern van mijn betoog: ik heb wel degelijk agrofobie. Ik huiver bij de gedachte aan de legbatterijen, de kweekstallen van kipfilets, de schandalige praktijken voor de productie van mozzarella en nu – als klap op de vuurpijl – aan de productie van honing.

Ik ben vies geworden van de huidige landbouw die ik liever ‘landvernieling’ noem. We hebben in Vlaanderen, op die geweldige strook van west naar oost – waar door wind vanuit het noorden – lang geleden een dik pakket leemdeeltjes werd afgezet, van de beste landbouwgrond ter wereld, maar we gaan er zo slecht mee om.

We zetten plastic kappen over kersen en andere fruitbomen. We planten distributiecentra in op plaatsen die ooit door de Romeinen werden gekozen als beste plaats voor de bevoorrading van hun graanschuren. We produceren liever gewassen voor biobrandstof dan dat we mergellandschapen in het Mergellandschap laten grazen.

Ik kan daar met mijn aangeboren boerenverstand niet bij. We spuiten de boel kapot, we maken de zaak overdreven open. Randen tussen twee akkers… wat zijn dat ook alweer precies? Geen wonder dat de Europese hamster het voor bekeken houdt. Dat doe ik misschien ook nog wel ooit.

Missie

Ach neen, toch maar niet, ik voel dat ik moet blijven. Ik heb hier een missie gevonden,  op diverse niveaus. Ik vind ze in Hogeschool PXL, in de opleiding groenmanagement, waarbij ik in mijn lessen rond plantenkennis elke kans grijp om te vertellen over bijen en bestuivers, over biologisch geteelde bloembollen en snoephagen (rijen bessenstruiken) in het openbaar groen.

Ik vind ze in de gevangenis van Hasselt, waar het project ‘Bij( e )en achter tralies’ een manier is om de graszones die als veiligheidszones tussen cellen en buitenmuren fungeren bijvriendelijker te maken. Ik vertel er een geselecteerd groepje gedetineerden hoe we in tuinen bijen kunnen verwelkomen en wat hun rol is voor de maatschappij. We planten bijenbuffetten en bouwen bijenburchten.

De bijen zijn een metafoor voor de toekomstige rol van gedetineerden in de maatschappij, als ze weer vrij zijn en hun leven weer moeten oppakken. Op weg naar die vrijlating leren ze hoe ze dat kunnen doen. In kleine stappen, maar met betekenis, als een schakel van een groter geheel. Ze leren dat zij niet opnieuw de zwakste schakel mogen zijn, ze leren dat ze sterk kunnen zijn als ze dat willen. Ze gingen er ‘slecht’ in, we willen dat ze er ‘beter’ uit komen.

Ik vind die missie ook in het schrijven van deze tekst, want u leest hem nu. Als ik u ertoe kan brengen dat u uw tuin een jaarrond bloemrijk maakt en dat hommels en bijen bij u welkom zijn, dat u misschien een kruidenbak op uw balkon zet voor dat plukje verse bieslook of peterselie of als u nog net op de valreep bessenstruiken plant op uw niet met PFAS vervuilde stukje grond achter uw huis, dan mag u agrofobie hebben en houden. Zolang u maar hortifiel bent in uw eigen tuin of op uw eigen balkon.

We leven dan misschien niet in het land van melk en honing, maar uw tuin kan wel een Hof(je) van Eden zijn…

Contact: kathleen.declercq@pxl.be

Aanbevolen berichten